Gouden Uilheisa blijft de pennen in beweging zetten

De recente heisa rond de Gouden Uil Literatuurprijs blijft de pennen beroeren. Schrijvers her en der wikken en wegen - na de felle uithaal van Erwin Mortier - de tribulaties van de voorbije week rond de vernieuwde jury en teruggeschroefde reglementswijziging. De Vlaamse auteur Peter Terrin (foto) verwacht van kersvers juryvoorzitter Guy Mortier ("de zotte opa van de schalkse puber Humo") in zijn blog op Knack.be niet veel. "In TerZake gaf Mortier tekst en uitleg. (...) Na wat om de hete brij te hebben gestameld, gaf hij ruiterlijk toe dat Humo, een van de sponsors van de Uil, hem op blote knieën had gesmeekt de opdracht te aanvaarden. Zijn non-verbale communicatie, hoe makkelijk hij die normaliter verbergen kan, schreeuwde ons toe dat hij voor dergelijk voorzitterschap geen greintje belangstelling toonde." En: "Ik herinner me de passage van Guy Mortier in het tot nog toe succesrijkste boekenprogramma dat op de openbare omroep te zien was, Alles uit de kast. (...) Te oordelen naar het lijstje van Guy Mortier stond zijn boekenkast in een filiaal van De Standaard Boekhandel. (...) Ik herinner me de diepe ontgoocheling over zoveel slaafse volgzaamheid."
Ook Marc Reugebrink, die vorig jaar met zijn boek Het grote uitstel de Gouden Uil won, ziet in Guy Mortier niet meteen de grote literatuurminnaar: "Wat men moet denken van een jury waarvan de voorzitter al op voorhand eist niet meer dan de vijf genomineerde boeken te moeten lezen, weet ik niet. Of laat ik zeggen: ik weet dat natuurlijk wel. Zo’n man diskwalificeert zich alleen al door dat grenzenloze cynisme." Reugebrink blikt op zijn blog overigens terug op de Uiluitreiking op tv van vorig jaar. "Als die uitzending de bedoeling had literatuur onder alle mensen te brengen, dan kan men alleen maar vaststellen dat het mislukt is. Niet eens om wie er nu wel of niet genomineerd waren, maar omdat programmamakers bij ‘cultuur’ of ‘literatuur’ dusdanig in een kramp schieten dat ze van de weeromstuit alleen nog tot debiliteiten in staat zijn. (...) Hinderlijk bij de vaststelling dat het een kutprogramma was (...), hinderlijk bij de vaststelling dat de kosten en baten niet tegen elkaar opwogen, is dat de literatuur daar de schuld van krijgt."
De Vlaamse Auteursvereniging stelt zich intussen vragen "bij de onafhankelijkheid van de nieuwe jury ten opzichte van de sponsors. Als vier van de vijf juryleden – in vaste dienst of als freelancer – werken voor een van de mediapartners Humo of De Standaard, wekt dat op zijn minst een schijn van partijdigheid. De Vlaamse Auteursvereniging betreurt ook dat er geen auteur deel uitmaakt van de jury."
Zijn de schrijvers ongerust, ook enkele nieuwe juryleden krabben zich in de haren en bijten van zich af. Kersvers jurylid Eva Berghmans (foto), chef van De Standaard der Letteren, schreef in haar krant dat ze enigszins "in de war" is. Ze vraagt zich af waarom de heisa zo'n vaart loopt en bepleit haar onafhankelijkheid: "Niemand heeft mij naar mijn literaire voorkeuren gevraagd, en ik neem aan dat dat ook niet gebeurd is bij de andere juryleden. De jurysamenstelling stemde mij overigens hoopvol. Jeroen Vullings werkt al sinds begin jaren 1990 als literair journalist voor Vrij Nederland en zat al in de Ako-jury. En hij is Doctor! Sam De Graeve werkt voor de meerwaardetelevisiemakers van Woestijnvis, is breed belezen en heeft verstand van non-fictie. Jeroen Maris ken ik niet. Een jonge hond, die zich niet gewillig zal laten africhten volgens de heersende literaire conventies? Zal zijn stem de diversiteit van de boekenstapel dan niet eerder recht dan onrecht doen? En Guy Mortier is voorzitter. Ok, die mens heeft Humo uitgevonden, maar een onbeschaafde aap is dat toch ook niet?"
In antwoord op de verzuchtingen van Eva Berghmans schrijft Marc Reynebeau - ook journalist bij De Standaard, jurylid bij de Librisprijs én schrijver van Struikelend door het leven, boek dat zal meedingen naar de prijs - dat de Gouden uil "een probleem heeft met zijn geloofwaardigheid". "Dit slag prijzen heeft een dubbel doel. Ze dienen de nobele zaak der schone letteren, zeg ik plechtig, maar tegelijk zijn het ook, evenzeer in de stijl, marketingtools voor sponsors, vooral de Standaard Boekhandel. (…) De hoofdsponsor lijkt altijd bevangen door onrust over de commerciële haalbaarheid van de Uil. Weet jij of het waar is dat ze daar nu alweer te mopperen hadden, over Reugebrink, wegens te elitair, niet hip genoeg en, ook hij, te weinig omzet? En kan ik Villanella geloven als het dat ontkent? (…) Ach, raakte de hoofdsponsor maar van zijn onrust af! Besefte hij maar dat tegenover het snelle gewin staat dat geloofwaardige prijzen op langere termijn zowel het literaire als het leesklimaat verrijken. Daar worden we allen beter van, niet alleen de literatuur, maar ook de boekhandel."
Medejurylid Sam De Graeve is ondertussen overtuigd van de goede literaire wil van de beoordelingscommissie: "Ik vermoed dat het met de leeshonger van de andere juryleden ook wel snor zit, hoor. En auteurs hoeven voor mij absoluut niet mediageniek te zijn om goed te zijn, maar ik vraag me wel af wie dat ooit daadwerkelijk gezegd zou hebben. Daar wordt nooit man en paard genoemd, maar altijd wat schimmig over gedaan. En trouwens, wat is dat, mediageniek? Niemand zou het in zijn hoofd halen om Jeroen Brouwers mediageniek te noemen, maar de speech die hij gaf toen hij voor Geheime Kamers de Gouden Uil kreeg, vind ik tot op vandaag zeer beklijvende televisie."
Wat er ook van zij, voor schrijvers, juryleden en lezers allerhande kan de overzichtstentoonstelling rond de 40-jarige Booker Prize misschien inzicht en verzachting bieden. The Guardian vroeg intussen voor elke jaargang aan een jurylid hoe de winnaar werd gekozen, vaak zeer revelerend. Eén jurylid dreigde zich van een balkon te werpen, een ander werd schier verleid door medejurylid Saul Bellow... (foto Terrin: Stephan Vanfleteren)
Tags:
Geplaatst door Hans Cottyn op 06-09-2008
Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening