Literair supplement - aflevering 55

Het weekoverzicht van de belangrijkste literatuurrecensies- en interviews uit kranten- en weekbladen in Nederland en Vlaanderen. In samenwerking met Athenaeum Boekhandel in Amsterdam. Net zoals vorige week eist Tonio van A.F.Th. van der Heijden het leeuwendeel van de aandacht op. 

 

Voor Uitgelezen van De Morgen leest en bekijkt Rik Van Puymbroeck Wouter Deprez ontdekt de wereld. Met foto's van Jonas Lampens, een verzameling van tien reportages uit die krant, nu in boekvorm gegoten: "Wouter Deprez - je hoort het hem zeggen en hij schrijft zoals mensen het zeggen - doet met woorden wat Jonas Lampens met z'n ogen doet: kijken en vastleggen". In Vurige tong "rijgt Ann De Craemer de benauwde belevenissen uit haar katholieke jeugd aan elkaar (...) een relaas dat je bij de lurven pakt ondanks enkele clichématige vergelijkingen en onhandige zinnen", vindt Dirk Leyman. "Tegelijk heeft haar boek iets doordrammerigs. Na een poos heb je de boodschap wel degelijk begrepen." Marnix Verplancke sprak met Richard Mason, wiens roman Geschiedenis van een gelukszoeker hem "een verderlichte leeservaring" bezorgde: "Ik wou niet alleen een boek schrijven over plezier, maar ik wou de lezer ook zelf plezier bezorgen. (Piet) weet mooie zaken en ervaringen te appreciëren. Ik wou een avonturenverhaal voor volwassenen schrijven, waarin de held zich in de nesten zou werken en er ook weer ongeschonden zou uitkomen." Fleur Speet somt op waarom De verhalen van Mensje Van Keulen niet mogen ontbreken in de vakantiekoffer.  "Van Keulen weet als geen ander kleinigheden in zulke precieze bewoordingen uit te beelden, dat ze uitgroeien tot grote tragedies in gewone levens. Ze weet in ieder verhaal de verborgen, minder charmante eigenschappen van de medemens bloot te leggen." Speet recenseert ook De zomer zonder mannen van Siri Hustvedt, een roman waarin een bedrogen vrouw zich weer in het leven vecht: "een doorwrocht en uitdagend intellectueel verhaal over liefde en vrouwelijkheid (...) afwisselend en onderhoudend". Na lectuur "denkt de lezer ongetwijfeld anders over liefde en huwelijk". Ook nog een gesprek van Marnix Verplancke met verhalenschrijfster Lydia Davis: "Ik neem mijn lezers niet mee naar een andere plaats om ze te laten wegdromen. Ik wil dat ze nadenken en zelf iets doen" stelt de auteur van Bezoek aan haar man die ook niet streeft naar bekendheid: "De kans dat mijn publiek mij zal vergeten, is bijzonder klein.  Ik heb immers geen publiek". En voor Christophe Vekeman is Een zuivere liefde van Sofja Tolstaja (foto) niet het sensationele meesterwerk waarvoor het door sommige wordt versleten. Tolstaja's in een roman verstopte pleidooi voor haarzelf, haar tragisch relaas van haar huwelijk met Tolstoj blijft enkel in het licht van zijn Kreutzersonate "zonder voorbehoud de moeite waard". In de marge nog enkele korte stukken: Dirk Leyman signaleert de essays van Marjolijn Februari (Ons soort mensen) en van H.J.A. Hofland (Bemande essays) naast Interviews met Karel van het Reve. U mag alles over mij schrijven bijeengebracht door Ton Van Brussel. En in Fictie kort aandacht voor Het is maar liefde van Linde Hagerup, DARLAH van Johan Harstad en Het glitterpodium van Monika Fagerholm.

 

In De Standaard der Letteren raadt Willem Van Zadelhoff Weidmanns redding van Stephan Thome aan: de Duitse filosoof en sinoloog beschrijft in zijn romandebuut "in elegant, traag proza hoe twee eenzame zielen langzaam naar elkaar toe worden gedreven". Marijke Arijs stelt dat zelfs "een rasverteller" als Eric-Emmanuel Schmitt niet wegkomt met "het hoge feelgoodgehalte en de bordkartonnen personages." in zijn verhalenbundel Concert voor een gestorven engel. Zowel Jeroen Overstijns als Kristien Hemmerechts lazen Tonio van A.F.Th van der Heijden. Beiden zijn erg onder de indruk: "Geen ontroerend maar een ongelooflijk beroerend boek" luidt het bij Jeroen Overstijns en bij Kristien Hemmerechts: "Tonio is een requiem, een daad van verzet tegen vergetelheid..." Ook Joyce Carol Oates getuigt in A widow's story: a memoir over verlies en rouw, Kathy Mathys las "een prachtig, onthullend en aangrijpend relaas van huwelijksrituelen, schrijverschap en rouw". Tegen Gilbert Roox praat Claude Lanzmann over zijn vele levens en over zijn film Shoah, een interview bij het verschijnen van zijn memoires De Patagonische haas. Over het waarom van die titel: "'Ik hou van hazen. Het zijn edele dieren, een symbool van vruchtbaarheid en nieuw leven. In Shoah zit een korte scène waarin je een haas onder de doodsdraad van Birkenau ziet wegglippen. (...) Laat me duidelijk zijn: ik zou dolgraag herboren worden als een haas." Kathy Mathys zet drie recent vertaalde Ierse auteurs naast elkaar: Sebastian Barry weet in Annie Dunne weer diep door te dringen tot de vrouwenpsyche "en houdt ons in de ban tot de laatste bladzijde", Volgspot van Joseph O'Connor heeft "een versnipperd karakter (...) en bevat een prachtig portret van een oude vrouw die onzichtbaar is in een veranderende stad", de samenhang in het laatste deel van de Henry Smart-trilogie De dode republiek van Roddy Doyle "is te vrijblijvend. Daardoor gaat Henry's uiteindelijke lot vervelen".

 

In Knack aandacht voor Necropolis van de Sloveen Boris Pahor (foto), "een van de grote literaire kampromans". "De schrijver beseft dat hij alleen krachtens literaire fictie en met behulp van sterke metaforen een zwakke indruk van een absurde realiteit kan oproepen" aldus Piet De Moor. De cyclus Onze woonst in de debuutbundel Meisje dat ik nog moet van Y.M. Dangre rechtvaardigt voor Philip Hoorne de nominatie voor de C Buddingh' prijs: immers, in zes gedichten schetst Dangre op "indringende wijze een uitgewoond huwelijk van een man en een vrouw die tot elkaar veroordeeld zijn". Tot slot signaleert Rik Van Cauwelaert de bloemlezing Wij, paarden,samengesteld door Jozef Deleu, geïllustreerd met foto's van zijn zoon Lodewijk Deleu.

 

In Trouw een beschouwing van drie essaybundels, van Hafid Bouazza, Marja Pruis en Joost Zwagerman, waarvan de laatste de meeste eer krijgt: "Zwagerman schrijft met afstand het lenigste proza van Nederland én hij weet waarover hij schrijft - een onweerstaanbare combinatie." De biografie Eva Braun. Leven met Hitler had volgens Peter van Nuijsenburg "iets korter gekund"; "Het beeld [...] dat oprijst, is dat van een naïeve, apolitieke jonge vrouw. Hitlers fletse aanhangsel." Rob Schouten is weinig geboeid door Leo, de vrouwenman van Benjamin Burg: "Het drama in deze verhalen is het volstrekt gemiddelde bestaan." Verder een bespreking van drie debuten waarin familierelaties centraal staan: Eva Meijers Het schuwste dier, Karlijn Stoffels' Zuiderzeeballade en De roemlozen van Justine le Clerq. Die laatste lijkt het meest veelbelovend: "gaandeweg wint Leclerqs proza aan zeggingskracht".

 

In de boekenbijlage van de Volkskrant een interview met thrillerauteur Ashe Stil. In zijn recensie van De vrije wereld constateert Hans Bouman dat David Bezmozgis (foto) het stadium van veelbelovend inmiddels voorbij is: "de bevestiging van een aanzienlijk talent, nu aangevuld met ambitie, de lef risico"s te nemen en het vermogen bevrijdende ironie en bitterzoete Joodse humor in zijn relaas te integreren." Erik Menkveld bespreekt de bundel Gerichte gedichten van Willem Jan Otten, waarin hij zich tot een luistervink gemaakt voelt van Ottens gesprek met zijn God; "Een geraffineerde vorm, die werkt omdat wat er gezegd wordt zo fascineert dat het onmogelijk is op te hangen."

 

De boekenbijlage van NRC Handelsblad grijpt de Maand van het Spannende boek aan voor een uitgebreide beschouwing van het genre van de Duitse (regio)thriller. Ook een groot overzicht van voetnoten bij en verwijzingen in Houellebecqs De kaart en het gebied. Arjan Fortuin bespreekt Robbert Welagens Porta Romana, een "sfeervolle schijnthriller", en Janet Luis is kritisch over de roman Het grote zwijgen van Erik Menkveld, "Menkveld beschrijft het allemaal wat stijfjes: hij weet geen echte ontroering te wekken", net als Sebastiaan Kort over De man met de schaar van Iris Koppe: "te veel een als roman vermomd opiniestuk". Richard Masons historische roman Geschiedenis van een genotzoeker doet Toef Jaeger soms aan Thomas Rosenboom denken, maar ze is er niet over te spreken: "Wat dit boek vooral opbreekt is het gebrek aan ironie."

 

In Het Parool deze week een interview met het Italiaanse duo Monaldi & Sorti, auteurs van het thrillergeschenk in de Maand van het Spannende Boek. Er zijn op de openingspagina van Boeken vijf sterren voor deel zes van het Verzameld werk van Karel van het Reve. Ook Vargas Llosa's De droom van de Ier wordt lovend besproken: "In al zijn gruwelijkheid brengt hij de werkelijkheid die hij beschrijft, heel dichtbij." Dirk-Jan Arensman is enthousiast over de nieuwe verhalenbundel Liefde en hindernissen van Aleksandar Hemon: "een meesterlijk stilist én geboren verhalenverteller". Arie Storm is daarentegen weinig gecharmeerd van Het grote zwijgen van Erik Menkveld. Hans Renders las Hugo Claus. De wolken: "het plezier en de intensiteit spatten ervan af".

 

In de Republiek der Letteren van Vrij Nederland Jeroen Vullings over Tonio van A.F.Th., dat hij met vijf sterren waardeert: "Hij wilde een "Tonio" van vlees en bloed componeren en dat lukte hem. In de enige taal die daarvoor geschikt is: de literatuur."

 

Ook in Elsevier: Tonio, de requiemroman van A.F.Th. En daarnaast: Tjalie Robinsons Kind van Batavia ("schitterende observaties van het dagelijks leven in Indië"), Jules Deelders Ruisch ("een vergaarbak van vitale taalvirtuositeit") en Julian Barnes' Hartslag, ("bevat te veel stijloefeningen, zodat niet van een hoogtepunt in het rijke oeuvre van Barnes

kan worden gesproken").

 

In HP|De Tijd: de tien beste literaire moorden, gekozen door Dries Muus. Van De vreemdeling van Camus tot Bret Easton Ellis' American Psycho en Zomerhuis met zwembad van Herman Koch. Max Pam las Tonio, "een geweldig boek"; "Bij minder standvastige types zou Tonio zijn verworden tot een half genie wiens grote toekomst door het noodlot werd verwoest, maar bij A.F.Th. blijft hij een lieve jongen, die niet zonder talent maar ook met weinig ambitie door het leven rolde."

 

In Dichters & Denkers in De Groene is ook Marja Pruis onder de indruk van de requiemroman Tonio ("De pagina"s waarop Van der Heijden met een liefdevolle, bezorgde blik Tonio op zijn laatste fietstocht gadeslaat [...] en zijn onmachtige pogingen hem alsnog te behoeden voor die lelijke dood, behoren tot het mooiste wat iemand kan schrijven. Het is obsceen, maar waar."). Cyrille Offermans leest Hugo Claus. De wolken en Koen Kleijn bespreekt Stephen Fry, The chronicles: "een heerlijke autobiografie, [...] en tegelijkertijd is het een raadselachtig verhaal, een oefening in zelfvernedering". Piet Gerbrandy buigt zich over de genomineerde titels voor de C. Buddingh"-prijs, die naar hij hoopt wordt uitgereikt aan Y.M. Dangre - "Deze nazaat van de Occitaanse troubadours verdient de Buddingh'-prijs."

Tags: Literair supplement
Geplaatst door Johan Eeckhout/Marleen Louter op 05-06-2011
Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening