Literair supplement - aflevering 59

Het weekoverzicht van de belangrijkste literatuurrecensies- en interviews uit kranten- en weekbladen in Nederland en Vlaanderen. In samenwerking met Athenaeum Boekhandel in Amsterdam. De week onder andere  over Mario Vargas Llosa, Graham Swift, Mary McCarthy, Leo Vroman, Ellen Deckwitz en Toine Heijmans. Met de vakantie voor de deur ook zomertips en korte verhalen.

 

In Knack neemt Piet de Moor De droom van de Ier van Mario Vargas Llosa (foto) onder de loep; een roman voor "wie van klassieke, goed gedocumenteerde boeken houdt die zich verzetten tegen simpele wereldbeelden, en wie gesteld is op complexe helden die ondanks hun onbaatzuchtige inzet zowel het goede als het verkeerde doen". In Kort aandacht voor twee thrillers (Getuigen van Rudy Soetewey en Ravenzwart van Ann Cleeves) en voor het Egypteboek van correspondent Alexander Weissink Egypte. Habibies, helden en huichelaars.  Verder een interview van Lukas De Vos met Rudy Soetewey, die voor Getuigen de Herculepoirotprijs kreeg: "Ik ben alleen geïnteresseerd in de drijfveren van de gewone mens, zijn dagelijks gepieker, zijn levensangst".

 

Uitgelezen, de boekenpagina's in De Morgen biedt een antwoord op de heikele vraag : welke boeken verdien dit jaar een plaats in de reiskoffer? De redactie schiet ter hulp met 20 must-reads, 10 jeugdboeken en 10 thrillers.

 

Voor De Standaard der Letteren denkt Johan De Boose terug aan zijn ontmoetingen met Czeslaw Milosz, de Poolse dichter en Nobelprijswinnaar die honderd jaar geleden werd geboren: "Hij was een titaan, de verpersoonlijking van het renaissancistische ideaal: redenaar, diplomaat, filosoof, filoloog, historicus, en bovenal een schrijver die zelfs bij een vluchtige blik op de twintigste-eeuwse letteren meteen opvalt - een klassieke meester, in wiens gedichten je te rade kunt gaan bij de rede". Kathy Mathijs las Was je maar hier van Graham Swift, een roman met "een ingenieuze structuur (...) een donker maar geen teneerdrukkend portret". Ze recenseert ook de "toonvaste debuutroman" De vrije wereld van David Bezmozgis en het tweede luik van Stephen Fry's autobiografie De Fry kronieken: "te monotoon" voor wie geen fan is  en niet te veel afweet van de Engelse film- en theaterwereld. Filip Huysegems achtte de opzet van Hard en teder, erotische verhalen van voorname Vlaamse en Nederlandse auteurs veelbelovend, maar botste veelal op "saaie rechtoe rechtaanbeschrijvingen" en "het gebruikelijke repertoire uit het libidolle repertoire" of een verzameling erotica die "stijf staat van de clichés". Als extra zomercadeau een strandverhaal van Herman Koch. En Ernest van der Kwast in een nieuwe zomerserie: de favoriete inspiratieplek van auteurs. De dagelijkse trip met de kabelbaan tussen zijn Zuid-Tirolse woning en de stad Bozen in het dal, waar hij schrijft, brengt negen minuten bezinning.

 

 

Korte recensies in de Volkskrant van boeken van Steven Van Watermeulen, Nico Keuning, Caroline Lighthart en Stefan Kiesbye, en een langere van Jan van Galens biografie van Theun de Vries (foto). Aleid Truijens: "Van Galen heeft een saaie, keurig beschrijvende stijl gemeen met De Vries, en een voorkeur voor staande uitdrukkingen. Een andere eigenschap van De Vries mist hij: die van verteller." Willem Otterspeer leest twee nieuwe uitgaven van Tjalie Robinson: Kind van Batavia en Een land met gesloten deuren, beide geschreven "met het ontwapenende gebaar van de echte aanvullende stukkiesschrijver". En Arjan Peters interviewt Silvia Avallone (Staal): "In de media hier lees je al tien jaar niets over de grote werkeloosheid, of over het gevaarlijke en slecht betaalde werk in fabrieken. [...] En omdat ik er nooit iets over las, kreeg ik de energie om dáár over te schrijven." Ten slotte: Greta Riemersma over Toine Heijmans' "eenvoudige stijl, waarmee hij niettemin het vertrouwde steeds net even laat kantelen" in Op zee (vijf sterren), Erik Menkveld over Leo Vromans "indringende" gedichten in Daar, en Robert van Gijssel over logo's in de Metal muziekscene.

 

Elsbeth Etty opent de boekenbijlage van NRC Handelsblad met een essay over de memoire, een genre waarbinnen ze Tonio vat, maar ook Het zusje van de bruid en Echte mannen eten geen kaas. "Door een roman zal een lezer zich nooit op die manier bedrogen voelen. Een roman is al dan niet overtuigend, pakkend, ontroerend, goed, cool, maar of het 'waar gebeurd' is, zal de lezer een zorg zijn." En andere kwesties van sentiment en literatuur. Pieter Steinz vervolgens duikt in een zestal "boeken over boeken". Umberto Eco, Alberto Manguel, Stéphane Heuet, Walter Mehring, Jon "Digested Read" Crace en Een stad vol lezers. Leescultuur in Haarlem 1850-1920 komen aan bod. Over de boeken van Eco en Manguel: "Beide boeken [...] hebben een belangrijk effect: ze zetten je aan tot lezen van al die klassiekers die erin besproken worden - het ene door het enthousiasme dat eruit spreekt, het andere doordat je het kriebelende gevoel krijgt dat je na al die theorie wel toe bent aan iets écht literairs."
Sebastiaan Kort vervolgt, over Toine Heijmans' Op zee ("een opmerkelijk strak geschreven roman, waarin op meeslepende wijze de angsten en wanen van Donald inzichtelijk zijn gemaakt."), en Arjen Fortuin en Janet Luis schrijven over respectievelijk de romans van Walter van den Broeck en Geertrui Daem. Fortuin: "Een vrouw voor elk seizoen is een boek over inspiratie die zich net zo grillig gedraagt als de verhalen in de bundel onvoorspelbaar zijn." En Luis noemt De bedlegerige "een montere roman". Rob van Essen vindt Téa Obrehts The Tiger's Wife "een veilige roman, met gladgeschuurde, afgeronde hoeken waarover je genietend je handen kunt laten glijden. Maar soms wil je splinters in je vingers", Margot Dijkgraaf duikt in Elif Shafaks Rumi-roman ("De roman zucht onder haar boodschap, knarst onder haar goede wil, piept bij elk cliché, hapert bij ieder inzicht dat Shafak de lezer wil meegeven.").


In een extra dik zomernummer van Vrij Nederland is er - uniek voor Nederlandse weekbladen - ruimte voor dertien pagina's proza van Jonathan Franzen, over zijn tocht naar het eiland dat Robinson Crusoe moet hebben geïnspireerd, met de as van David Foster Wallace. Hulde! "Met een notitieboekje, een verrekijker, een pocket van Robinson Crusoe, het doosje met de resten van David, een rugzak vol kampeergerei, een potsierlijk ontoereikende kaart van het eiland en zonder alcohol, tabak of computer. Behalve dat ik niet alleen was, maar achter een jonge boswachter en een muilezel met mijn rugzak aanliep, en dat ik op aandringen van diverse mensen ook nog een radiozenderontvanger, een tien jaar oude gps, een satelliettelefoon en reservebatterijen bij me had, was ik volstrekt geïsoleerd en alleen."
Dan: het oude zomerspelletje van bekenden die wat aanraden, met ditmaal een viertal koppels van oude en jonge schrijvers/lezers die elkaar iets aanraden. Marita Mathijsen raadt Franca Treur A.L.G. Bosboom-Toussaints Het huis Lauernesse aan, Treur tipt Mathijsen Hanna Bervoets' Lieve Céline; Renske de Greef en Drs. P. ("de sfeer aan tafel is enthousiast en flirterig," tekent Tim de Gier op) wisselen P's Versvormen, leesbaar handboek en Douglas Adams' The Meaning of Liff; Bas Heijne en Catherine de Vries Dostojevski's Aantekening uit het ondergrondse [sic] en Wat als... Pim Fortuyn niet was vermoord; en Ernst-Jan Pfauth en J.L. Heldring ten slotte Gary Sheyngarts [sic] Super Sad True Lovestory en Carry van Bruggens Prometheus. Na de grote recensie volgen meer aanraders, de jaarlijkse non-fictie-zomertips van Vrij Nederland.
Die grote recensie, trouwens, door Jeroen Vullings, gaat over de briefwisseling tussen Hermans en Bordewijk, Een onmiskenbare verwantschap. "Te vormelijk en passieloos," vindt Vullings, al zijn de wederzijdse kritieken de moeite waard.


Xandra Schutte opent Dichters & Denkers van De Groene Amsterdammer met een stuk over Mary McCarthy's De groep. Dat "is inderdaad ook voer voor sociologen. [Felle criticus Norman] Mailer heeft gelijk als hij stilstaat bij de grote opmerkingsgave van McCarthy. Maar de roman is toch bovenal een literaire klassieker". Dan: Piet Gerbrandy over De steen vreest mij door Slamkampioeen Ellen Deckwitz ("Deze poëzie is te subtiel om na één keer lezen, laat staan na één keer horen, haar geheimen prijs te geven.") en Joost de Vries over Robbert Welagens Porta Romana ("In zijn kalme herhalingen is Porta Romana aangenaam om te lezen." Maar: "Voor recensenten die willen dat de schrijver ook iets te melden heeft, is Welagen een stuk minder interessant."). En: Cees Zoon over De droom van de Ier, door "meesterverteller" Mario Vargas Llosa.


De boekenpagina's van Het Parool openen met een groot portret van Christiaan Alberdingk Thijm en - oh tegenstelling - slechts één ster, uitgedeeld door Arie Storm. Het proces van de eeuw is, volgens hem, "een slaapverwekkend boek. De plot is duf, de hoofdpersoon is opmerkelijk dom en de stijl is onthutsend vlak". Even lang, kleinere foto en aanzienlijk meer sterren (5!) is Leo Vromans Daar toebedeeld. Jos Bloemkolk: "Als je dat boek, waar jongere dichters qua omvang een half leven over zouden doen, in handen hebt, valt je mond open. Maar die verbazing zou er niet zijn als dat boek niet zo"n ongehoorde kwaliteit had."
Er is meer moois te melden. Jasper Henderson is uiterst enthousiast over de verhalen van Siegfried Lenz in Het begin van iets ("IJzersterk zijn ze, stuk voor stuk."), Victor Schiferli prijst de twee postuum uitgebrachte boeken van Jeroen Mettes, en Hans Renders bespreekt en looft uitgebreid de briefwisseling tussen Willem Frederik Hermans en F. Bordewijk. "De hoogtepunten uit deze voor het overige nogal brave brieven zijn zonder twijfel de passages waarin de heren elkaar bekritiseren."

Tags: Literair supplement
Geplaatst door Johan Eeckhout/Daan Stoffelsen op 03-07-2011
Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening